over visuele communicatie en vormprincipes

Situationisme

Situationisme wordt wel gezien als de laatste avant gardistische stroming van de 20e eeuw (1957 -1972). Deze stroming beschouwde zichzelf niet zozeer als stroming die ‘situantionistische kunst’ maakten maar veel meer als een losse groepering die ageerden tegen de kunsthistorici en tegen de ‘spektakelmaatschappij’.

De beweging ontstond door een aantal kleine groepen van radicale schrijvers en kunstenaars die in het kader van ‘nieuw urbanisme’ de scheidslijnen tussen kunst en leven wilden opheffen. Ze verveelden zich en voelden zich opgesloten door de grote hoeveelheid regels, planning, functionalisme en bureaucratie. Ze onderkenden ook de kracht van de massamedia die dit keurslijf aan de maatschappij oplegde.

Het werk van Johan Huizinga “homo Ludens” was een grote inspiratie voor de situationisten. In dit boek beschrijft Huizinga hoe we als mens ge-evolueerd zijn van homo sapiens tot homo faber (de werkende mens) de volgende stap zou dan volgens hem moeten zijn homo ludens (de spelende mens). Constant van Nieuwenhuis heeft dit gegeven ook als uitgangspunt gebruikt om er zijn ‘Nieuw babylon’ mee te maken. Nieuw babylon belsaat een grote periode van het werk van Constant waarin hij schetsen collages en maquettes maakt voor een nieuwe omgeving voor de mens. Eentje waarin de mens uitgedaagt wordt tot dwalen en spelen en waarin de creativiteit tot bloei komt. De stad moest een broeiplaats worden van spel, inspiratie, feest en spel. Ook Constant was korte tijd verbonden aan de situationiste internationale.

De situationistische werken werden opgevat als citaten tegen de gevestigde kunst en de kunstgechiedenis. Een van de kunstenaars uit de ‘situationisten international’ (Asger Jorns) verwierp dit direct door te stellen: “we geven louter uitdrukking aan onze onverschilligheid ten opzichte van oorspronkelijke kunstwerken”.
Dit laat direct blijken dat de situationisten vooral een ’anti’ houding hadden. Alles wat gezegd en gemaakt werd omgedraait om zo een andere manier van kijken en bewustwording te veroorzaken. Eigenlijk is het situationisme daarmee een voorloper van de Punk.

De situationisten waren vooral bezig met het verdraaien, verminken en manipuleren van bestaande kunstwerken. Dit zijn typische situationistische technieken. Het bleef echter niet bij kunstwerken. De hele maatschappij werd aan situationistisch gebruik onderworpen.

Guy Debord ontwikkelde zich tot een voorman van deze beweging en schreef het boek de spektakelmaatschappij. Zijn visie op het situationisme als kunststroming was als volgt:
“Er bestaat geen situationistische kunst, er bestaat louter een situationistisch gebruik van media”
De spektakelmaatschappij was een aanklacht tegen de maatschappij van schijn, reclame, levenstijl en illusies. Deze begrippen hebben de plaats ingenomen van het authentieke leven.

Dat ‘echte’ leven is vervangen door consumptiegoederen en levensstijlen die je tegen betaling moet terugkopen om jezelf te verwerkelijken. De spektakelmaatschappij is het kloppende hart van onze samenleving geworden in plaats van een aanvulling of versiering ervan te zijn. Ieder origineel gebaar, elke artistieke uiting, iedere vorm van integriteit of kritiek, wordt vroeg of laat gerecupereerd door de spektakelmaatschappij, van zijn betekenis en autonomie ontdaan en als consumptieartikel terugverkocht aan de consument. Dit speelt nu ook nog al zijn de termen hiervoor misschien verandert in globalisering en marktfundamentalisme. De situationistische handelingen bestaan ook nog steeds. Denk hierbij aan street art publieke kunst als stickeracties, psychogeografie in architectuur en boeken uit de anti -ofanders globaliseringshoke van o.a. Naomi Klein ( No Logo).  En ook voor deze nieuwe uitingen geldt: ze worden steeds weer opgeslokt door de spekttakelmaatschappij. Banshy is een grote naam aan het worden in de gevestigde kunst, de publieke kunst van stcikeracties wordt door grote bedrijven gretig ingezet als campagne middel, de beeldtaal van o.a. Punk wordt door Tommy Hilfiger ge-adopteerd in hun kledinglijn.

Dit spel tussen ‘avant garde’ en ‘consumerism’ zal vast wel blijven bestaan omdat het grote publiek het gevoel van authenciteit zal willen blijven kopen om op die wijze toch ook een ‘echt’ gevoel te hebben… maar dat is een ander onderwerp

Situationisme