over visuele communicatie en vormprincipes

Heineken’s Hyperrealiteit

Als aanvulling op de Hyperrealiteit pagina heb ik hier een voorbeeld van een Heineken campagne. Allereerst is er de ‘orignele’  reclame. Deze is op hoge kwaliteit en met een goede apparatuur gefilmd. Belichting klopt, geluid klopt, art direction klopt etc met hoe we het gewend zijn te zien van TV. In de reclame wordt erg gespeeld met cliche’s en stereotyperingen.


de ‘echte’ commercial

Bavaria kwam met een antwoord in dezelfde stijl. Daarop volgde weer een filmpje, maar dit keer was het een homevideo. In dit filmpje zijn een aantal studenten geinspireerd door de eerdere ‘walk in fridge’ reclame. Zij willen ook zo’n koelkast in hun studenten flat en besluiten er zelf een te maken. Het maakproces leggen ze vast op handy cam.
De slechte kwaliteit van filmen wordt in dit geval enorm krachtig gebruikt; het versterkt het echtheids gevoel


de ‘homemade’ commercial

BP-restyling initiated by Greenpeace

over gebruik van kleur en vorm gesproken …

Bp heeft een aantal jaar geleden gekozen voor een ‘groenere’ duurzame uitstraling. In het logo is dit heel net door middel van kleurstellingen en de referentie naar zon(n) en bloemen aangepakt.

De laatste olieramp en de berichtgeving daarover  vertelt ons echter een ander verhaal. Greenpeace heeft via het ‘behind the logo’ project opgeroepen de visuele identiteit van BP aan te passen aan het ‘juiste’ imago dat BP momenteel heeft. Dit levert een ontzettende hoeveelheid aan afgeleide logo’s op. Sommigen zijn heel letterlijk, sommige spelen heel mooi met de elementen van het logo en de suggestieve betekenis van de kleur en vorm.

grrenpeace site

BP Flickr photostream

insnoeren wikkelen

insnoeren heeft een spanning in zich; insnoeren gaat over iets dat vast zit, op zijn plek blijft. misschien zelfs iets dat onder spanning vast zit. Er ontstaat een spanning tussen het ingesnoerde en het materiaal dat gebruikt is om te snoeren.

Snoeren kan heel strak gebeuren zodat de ingesnoerde vorm uitpuilt. Het kan echter ook losser waardoor de vorm enkel gevangen zit in het ‘snoer’ (zie torso van Manray hieronder).

Stapelen

Stapelen is een basis principe in het bouwen van dingen. Als Kinderen stapelen we onze blokken al tot torentjes en bouwsels. Dit kon leiden tot hele solide constructies, maar ook tot hoge ranke torens die naarmate ze hoger werden een steeds grotere spanning in balans en evenwicht kregen.
Bouwvormen in de geschiedenis maakten ook gebruik van stapelingen. Denk hierbij aan de pyramides in egypte en de tempels van de inca’s. Het materiaal waarmee gestapeld wordt was hierbij ook van belang. De pyramides zijn stapelingen van steen. Ze geven een zeer sterke indruk en ze staan nog steeds overeind.


De ChichenItzaElCastillo tempel (beeld wikipedia)

Stapelen is eigenlijk ook een vorm van herhaling. De handeling die de maker verricht is steeds dezelfde, het materiaal dat gebruikt wordt vaak ook. Toch hoeft het resultaat geen herhaling in beeld met zich mee te brengen. Er kan een enorme afwisseling zijn in de te gebruiken elementen of een enome afwisseling in de handelingen.  In typografie, beeld en opmaak kunnen we de principes van stapelingen ook toepassen.

.

Nam June Paik – piano piece.

strooien / waaieren

> uit te werken ..<

Repetitie

> uit te werken ..<
Er zijn verschillende technieken en benaderingen om met herhaling te werken.

Door gebruik van herhaling ontstaat een ritme of kadans in het beeld.

Herhaalde elementen hoeven geen exacte kopie van elkaar te zijn.

vlechten / rijgen / weven / knopen

Vloeien in typografie

typografische stapelingen

Ook in grafische vormgeving kunnen we het principe van stapelen toepassen. Hoewel we van boven naar beneden lezen wordt het bovenste woord ‘creatie’ in de poster van LAVA ontwerp gedragen door alle vertalingen die eronder gestapeld zijn.

een poster voor het blad CREATIE gemaakt door LAVA ontwerpers

een voorbeeld van stapelingen uit typografische elementen (bron wikipedia).


Brazil Inspired, Macho box door MK12. Een voorbeeld van stapelingen in bewegende typografie. De horizon verandert hier steeds om meer dynamiek aan de tekst te geven. Deze ‘truc’ is veel herhaald in motion graphics. MK12 was een van de eersten om in deze stijl te werken.

Lijnen in Comics

Vaughn Bodé was een underground cartoonist in de 70′ies. Zijn werk is vaak een grote inspiratie voor grafitti artists geweest. Cheechwizard is een van z’n bekendste creaties

In comics is het gebruik van lijnen heel zichtbaar. De benadering en omgang met de lijn zijn per maker vaak verschillend. Vaughn Bodé gaf door zijn spel met dikke en dunne lijnen een verschil tussen voor- en achtergrond aan. Zijn handschrift is heel vloeiend; de lijnen gaan vaak organisch in elkaar over, komen samen en vervolgen hun eigen weg weer. Anderen zoals Robert Crumb hebben zich steeds meer toegespitst op lijn tekeningen waarin arcering een belangrijke rol speelt. Voorgrond-achtergrond worden zo gescheiden, licht-donker wordt er mee aangegeven.

Ouder en recenter werk van Robert Crumb. Het gebruik van arceringen is sterk aanwezig.

Jhonen Vasquez gebruikt daarentegen geen arceringen. Zijn werk heeft enkel strakke lijnen met hier en daaar bibberige vlekkige details. Dit versterkt heel goed de sfeer van  het karakter (johnny the Homicidal maniak)